top of page
  • Marije van der Star

Wat is de beste opbouw van een brainstormsessie?

Je kent ze wel, de brainstormsessies waar veel gelachen en geroepen wordt. Maar waarna iedereen denkt: ‘Waar waren deze 3 uur nou voor nodig, hebben we hier iets aan gehad of was het tijdverspilling?’


Het is belangrijk dat je na een brainstormsessie met concrete ideeën en acties naar buiten loopt. Dat er écht iets mee gedaan wordt. Daarom is voor een succesvolle sessie een facilitator nodig, die goed nadenkt over de opbouw en welke technieken worden gebruikt. Deze sluiten aan bij de behoefte van de opdrachtgever en de samenstelling van de groep.




Een opbouw die ik graag hanteer is:

  1. IJsbreker - een korte, hilarische brainstorm. Hierbij wordt een vraag onderzocht die niet eens relevant voor het bedrijf hoeft te zijn. Bijvoorbeeld; hoe zorg je ervoor dat iedereen altijd te laat komt op het werk? Met zo’n korte brainstorm wordt er gelachen, krijgt iedereen door dat absurde ideeën welkom zijn én dat je graag véél ideeën wilt.

  2. Diverse groepsbrainstorms om tot zoveel mogelijk ideeën te komen - hierna gaan we met het probleem waarvoor de groep bijeen is gekomen.

  3. We hebben het kort over de centrale vraag. Bijvoorbeeld: ‘Hoe kunnen we zorgen dat gezinnen in Utrecht minder water verbruiken?’ of ‘Hoe kunnen we beter aansluiten bij een jongere doelgroep?’

  4. Diverse brainstormopdrachten met de groep. Waarbij ik het altijd belangrijk vind dat er geschreven of getekend wordt op bijvoorbeeld post-its. Zo zorgen we dat élk idee aan bod komt en niet alleen die van de mensen die het hardste roepen.

  5. Ideeën uitdiepen zowel met elkaar als individueel In deze fase kiezen we voor om ideeën te verrijken en uit te diepen. Dat kan bijvoorbeeld door twee eerdere ideeën met elkaar te verbinden en die samen te voegen. Ook kun je een Crazy8 doen, of duo’s een ‘Ja, en…’-gesprek laten houden.

  6. Individueel een idee uitwerken

Neem de tijd zodat iedereen een idee goed kan uitwerken. Bijvoorbeeld met een storyboard of solution sketch. Dat laatste is een methodiek waarbij je in drie stappen een idee uitlegt.

  1. Ideeën bespreken en kiezen Bespreek met elkaar alle ideeën en stem (bijvoorbeeld met dot-stickers) op alles wat goed. Vervolgens komt de groep tot een beslissing: welk idee of welke combinatie van ideeën worden uitgewerkt in een concept of prototype.


Als facilitator is het dus belangrijk dat je van tevoren een plan hebt. Toch is het helemaal niet gek als de sessie anders verloopt dat je had verwacht. Sta hiervoor open en zorg dat je wat reserve-oefeningen meeneemt, voor het geval dat.


bottom of page