• Marije van der Star

Stap 5 - Validatie: test, test, test

Bijgewerkt op: 23 aug.

Nu breekt er een spannend moment aan. Valt je idee bij de doelgroep in de smaak? Begrijpen ze het? Gaan ze het gebruiken? Of kan je idee zo de prullenbak in?


Ai, je idee in de prullenbak gooien? Dat klinkt heftig. Maar wees je ervan bewust dat dat bij 9 van de 10 ideeën gebeurt. Dat is niet erg. Omdat je een prototype hebt gemaakt, heb je nog niet veel tijd en geld verspilt. Misschien kun je je idee aanpassen en opnieuw testen. Of is er nog een ander idee uit de ideate-fase dat je uit kunt werken.


In deze serie over de stappen van Design Thinking volgen we een fictieve projectgroep die graag wil dat ouderen meer krachttraining gaan doen. Ze hebben een prototype gemaakt en zijn nu klaar voor de test. Hoe zal dat verlopen?


Dat gezegd hebbende: hoe zet je zo’n test op?




1. Maak een testplan


Maak van te voren een plan van hoe je test gaat verlopen. Bedenk wat je precies wilt testen? En met wie? En hoe? Welke vragen en opdrachten ga je geven? Voeren jullie de test alleen uit, of kies je voor een interviewer en een notulist. Maak een script van je test en oefen dat een keer op een vriend of familielid.


2. Zoek testpersonen


Strik minimaal vijf mensen uit de doelgroep die je je prototype kunt voorleggen. Als je vijf uitgebreide tests houdt, verzamel je ongeveer 80% van de feedback die je kunt krijgen. Elke extra test zal minder opleveren. Zeker in de beginfase van je project is het dus nog niet belangrijk om je test aan grote groepen voor te leggen. Het liefst spreek je met de testpersonen persoonlijk af.


3. Leg je prototype voor


Het belangrijkste is dat je je testpersonen laat ervaren en niet van tevoren uitlegt wat de bedoeling van je oplossing is. Benadruk dat ze hardop moeten denken, je wilt immers alles weten, en leg uit dat je graag kritiek ontvangt. Ze mogen dus ook negatieve dingen zeggen, graag zelfs.


De projectgroep legt de app voor aan onder andere Anja. Ze zijn bij Anja thuis, omdat de app ook thuis gebruikt moet gaan worden. Anja woont alleen in een gelijkvloers appartement. Tijdens de test komt ze een oefening tegen waar een trap bij nodig is. Die heeft ze uiteraard niet. In een volgende versie moet dus een alternatief komen voor deze oefening.


4. Leg uit wat je doelstelling is en bedank je testpersoon


Als de eigenlijke test is afgerond, mag je natuurlijk wel uitleggen wat de bedoeling van je prototype is. Vaak ontstaan dan nog interessante gesprekken waarin nieuwe ideeën en inzichten ontstaan. Je testpersonen helpen jou enorm, zorg daarom voor een passend bedankje. Dat kan ook iets kleins zijn. Het gaat er vooral om dat je je waardering uitspreekt.


Anja hoort na de test waarom krachttraining zo belangrijk is voor ouderen. Ze vindt dat ontzettend interessant, maar vraagt zich af waarom dat niet in de app wordt uitgelegd. Het blijkt dat het projectteam dat helemaal vergeten is. Ze hebben alleen gekeken naar welke oefeningen goed uit te voeren zijn. Ze noteren deze opmerking.


5. Analyseer de gegevens


Als je alle tests gedraaid hebt, ga je conclusies trekken. Dat kun je heel systematisch doen, door bijvoorbeeld alle interviews te transcriberen (uitschrijven), alle opmerkingen te labellen en te kijken wat vaker voorkomt. Het kan ook iets vrijer, door wat echt opgevallen is met elkaar te bespreken en te bepalen wat jullie met die punten gaan doen. Daarna kun je je prototype aanpassen en opnieuw testen. Totdat je iets in handen hebt, wat je écht wilt uitvoeren. Zorg dat je alles wat je concludeert en afspreekt met elkaar vastlegt op een centrale plek.


Dat er oefeningen voor Anja moesten komen zonder trap, was een goede aanvulling. Maar uit de analyse van alle tests bleek echter een veel groter probleem: de ouderen werden door de app helemaal niet gemotiveerd om oefeningen te doen. Ze hadden daar helemaal geen zin in. De projectgroep krabt zich nog eens achter de oren. Is een app wel de beste oplossing? Ze gaan opnieuw brainstormen (en zijn dus terug in de ideatefase) waarbij ze zich focussen op de vraag: Hoe kunnen we krachtoefeningen voor senioren leuk maken?


Daar ontstaan weer hele andere ideeën, waaronder een een Pittig Senioren Programma. Sportlessen die landelijk worden ontwikkeld en op elke sport- en trainingsclub kunnen worden gegeven. Ook willen ze een grote pr-campagne starten. Een hele nieuwe ingang, waar weer snel een prototype en test voor gemaakt worden. Zal het deze keer wél aanslaan?